• cees vd wal

LTO Gelderse Vallei fel gekant tegen zonneparken

NIJKERK LTO Gelderse Vallei, belangenbehartiger van ruim achthonderd boeren in onder meer Nijkerk, is fel gekant tegen de komst van zonneparken in het buitengebied. Niet alleen belemmeren grote velden zonnecollectoren agrariërs om voedsel te produceren. De ontwikkeling remt ook juist het plan om bodemvruchtbaarheid en biodiversiteit te verbeteren.

Wouter van Dijk

Dat stelt voorzitter Fije Visscher van LTO Gelderse Vallei in zijn visie 'Zonneklaar', aangeboden aan elf gemeenten in de Vallei. De organisatie stelt dat er steeds meer geluiden opgaan voor grote zonnevelden, -weides of -parken in het buitengebied. Die ontwikkeling van 'zonnecentrales', zoals LTO ze liever noemt, past binnen het overheidsbeleid om meer duurzame energie op te wekken en de uitstoot van CO2 terug te dringen.

HAAST VERTROEBELT,,Provincies en gemeenten hebben nu het gevoel dat ze haast moeten maken, maar door deze korte-termijnfocus vertroebelt het zicht op belangrijke negatieve gevolgen op de langere termijn'', stelt Visscher. ,,We trekken juist nú aan de bel, omdat we zien dat steeds meer projectontwikkelaars plannen hebben voor grote zonnecentrales. Ze lopen daarbij aan tegen het feit dat gemeenten er vaak nog geen beleid voor hebben én dat er problemen ontstaan met kostbare netverzwaring.'' Er is nóg een reden waarom LTO nu met een duidelijk statement komt. ,,Alle gemeenten zijn nu bezig met het opstellen van hun Regionale Energie Strategie (RES). De landbouw speelt daarin een belangrijke rol.''

ONDERMIJNT EIGEN BELEID Zonnecentrales in het buitengebied in de Gelderse Vallei gaan volgens de belangenbehartiger rechtstreeks ten koste van waardevol en vruchtbaar landbouwgrond, bedoeld om voedsel te produceren. Daarnaast druist deze ontwikkeling voor duurzame energie volgens Visscher in tegen een ander duurzaam plan: circulaire landbouw, terug te vinden in de zogeheten Regiodeal van Foodvalley. Belangrijke pijlers in dat plan zijn het beperken van uitstoot van CO2 en het verbeteren van bodemkwaliteit, maar daar is wel ruimte voor nodig. ,,De gemeenten in de Foodvalley onderschrijven de doelstellingen van de regiodeal. Hoe kunnen ze dan tegelijkertijd zonnecentrales toestaan op landbouwgrond? Dat ondermijnt het eigen beleid volledig'', schrijft Visscher.

JONGE BOEREN LTO wijst op nog meer problemen met de komst van de zonneweides. Zo jagen de claims op geschikte grondlocaties voor zonneparken de grondprijzen verder omhoog, waardoor het voor jonge boeren moeilijker wordt het ouderlijk familiebedrijf over te nemen. ,,We zouden jonge boeren juist moeten stimuleren hun belangrijke rol van voedselproducent op een duurzame manier uit te gaan voeren.''

PIEK AAN ENERGIE Zonnecollectoren zouden daarnaast ongeveer 25 jaar meegaan. Na die periode heeft de grond volgens LTO evenveel jaren nodig voordat bodemkwaliteit en bodemleven weer hersteld zijn. Ook wijst de belangenbehartiger op het probleem dat zonne-energie nog lastig is op te slaan, waardoor er in de zomer een piek aan energie is, maar in de winter alsnog stroom van het energienet moet komen.

NETVERZWARING In de visie 'Zonneklaar' tipt de belangenbehartiger ook alternatieven aan voor de 'zonnecentrales'. Zo zou volgens LTO het tegengaan van voedselverspilling veel hoger op de gemeentelijke agenda's moeten staan en kunnen zonnepanelen wél prima een plek vinden op daken en op taluds of langs bermen van wegen. ,,Wat betreft zonnepanelen op daken is het belangrijk dat gemeenten goed kijken naar het probleem van netverzwaring. Initiatiefnemers lopen tegen hoge kosten aan, omdat kabels tussen zonnedaken en transformatorhuisjes moeten worden vervangen.''

WINDMOLENS Daarnaast staat de agrarische belangenbehartiger niet negatief tegenover de komst van windmolens. ,,We zijn bereid mee te denken bij de plaatsing van windmolens, mits er lokaal draagvlak is'', stelt Visscher. Grote windmolens met een ashoogte van meer dan honderd meter zijn dan volgens de belangenbehartiger het meest interessant, uit oogpunt van opbrengst en kostenefficiëntie, maar ook kleine windmolens van maximaal twintig meter hoog kunnen bijdragen op plekken waar de grotere versies geen optie zijn. ,,Door een combinatie van zon en wind realiseert een bedrijf ook nog eens een stabielere energieproductie.''