• AMERSFOORT - Een medewerker van de online supermarkt Picnic bezorgt boodschappen bij een klant. Het nieuwe supermarktbedrijf heeft een manier van bezorgen ontwikkeld waardoor tussenschakels worden vermeden om de kosten laag te houden. Zo opent Picnic de aanval op gevestigde supermarten als Albert He

    ANP Piroschka van de Wouw

Picnic moet Max Verstappen 1,5 ton betalen

NIJKERK (ANP) Onlinesupermarkt Picnic moet Max Verstappen 150.000 euro betalen vanwege het verspreiden van een filmpje met een lookalike van de autocoureur. De rechtbank in Amsterdam heeft deze schadevergoeding vastgesteld. Eerder had de rechter al bepaald dat de reclame niet door de beugel kon.

Picnic reageert heel erg verbaasd en gaat in beroep. ,,Ons Facebookfilmpje was grappig bedoeld en alleen bestemd om personeel te motiveren. Zodra we hoorden dat Max het niet leuk vond, hebben we het filmpje diezelfde dag offline gehaald. We kunnen ons niet voorstellen dat Max een schade zou hebben geleden van zo'n groot bedrag.''

In het filmpje is te zien hoe een lookalike van Max Verstappen een wagen van Jumbo voorbijloopt en in een bezorgbusje van Picnic stapt. Dat verscheen een dag nadat supermarktketen Jumbo, sponsor van de coureur, een commercial met Verstappen naar buiten had gebracht.

De rechtbank stelde eerder dat het portretrecht van Verstappen zwaarder weegt dan het recht op vrije meningsuiting van Picnic. ,,Verstappen moet zelf kunnen bepalen of hij zijn populariteit in wil zetten voor commerciële activiteiten.'' Dat het om een parodie ging verandert daar niets aan, meende de rechter.

Picnic vindt het bedrag extreem hoog. ,,In Nederland is nooit eerder in vergelijkbare zaken zo'n hoge vergoeding toegekend. Dit zijn Amerikaanse toestanden. Dit betekent dat elke kleine ondernemer of start-up het risico op een enorme boete loopt na een grapje op zijn Facebookpagina."

Bij de bepaling van het schadebedrag keek de rechter onder meer naar ingebrachte rapporten van marketingsdeskundigen. Verstappen had eerst nog 350.000 euro schadevergoeding geëist, maar de rechtbank vond die claim in september onvoldoende onderbouwd.