• Archief

Nijkerkervener haalt ongelijk bij Raad van State

NIJKERKERVEEN Een inwoner van Nijkerkerveen moet de opslag van mest beëindigen en daarnaast het bouwwerk voor de mestopslag verwijderen.

Wijnand Kooijmans

De Raad van State heeft als hoogste beroepscollege het bezwaar van de man ongegrond verklaard. De kwestie speelt al vanaf 3 december 2014. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nijkerk legde de man een dwangsom op van 2.500 euro op voor de mestopslag en de illegale bebouwing.

BEROEP De man ging in beroep bij de rechtbank maar werd ook daar in het ongelijk gesteld. Volgens de Nijkerkervener is de mestopslag geen bouwwerk maar zijn alleen om de mestplaat planken neergezet die er toe dienen het zeil en de mest op zijn plek te houden. De Raad van State vindt echter dat de rechtbank terecht de opslag als een bouwwerk heeft bestempeld en

daarvoor een vergunning is vereist.

Ook werd door betrokkene aangevoerd dat de mestopslag slechts incidenteel plaats vindt en wel in de periode van oktober tot maart om daarna over het land te worden uitgereden. Het rechtscollege vindt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat de opslag van mest niet kortdurend en incidenteel is. En daarmee in strijd met het bestemmingsplan.

OORDEEL De man was bovendien van oordeel dat hij op grond van een controle hij mocht aannemen dat de mestopslag niet illegaal was. Dat ging alleen om een speeltoestel, een uitbouw en een serre. De Raad van State oordeelt dat aan uitspraken van ambtenaren geen rechten kunnen worden ontleend. Dat geldt alleen voor ondubbelzinnige toezeggingen welke worden gedaan door daartoe bevoegde bestuurders.

Bovendien vond de controle plaats in 2012 op een moment dat de opslag nog op een andere plek was gevestigd. Daarom is de opslag tijdens het bewuste gesprek ook niet aan de orde gekomen.

TWEEDE ZAAK De man kreeg ongelijk in een tweede kwestie die door hem was aangespannen bij de Raad van State. Het gaat hier om onder meer om een illegaal gebouwde schuilgelegenheid en het verlagen van het toegangshek tot een maximale hoogte van een meter. Ook moet hij het aan het bijgebouw gebouwde hondenverblijf afbreken en de zonder vergunning geplaatste schoorsteen verwijderen. Zijn jacuzzi moet hij verplaatsen naar de woonbestemming. Per overtreding werd de man in mei 2015 een dwangsomopgelegd van vijfduizend euro.

De man ging in beroep maar deed dit na de wettelijke termijn van zes weken. Dat maakte dat het Nijkerkse college van burgemeester en wethouders zijn beroep niet ontvankelijk verklaarde en aarmee niet in behandeling nam. Ook bij de rechtbank ving de man bot. Ook in deze zaak deed een man een beroep op het vertrouwensbeginsel. Dat werd op dezelfde gronden als in de zaak van de mestopslag door het hoogste Nederlandse rechtscollege verworpen.

HANDHAVEND De uitspraken maken dat de gemeente alsnog tot handhavend optreden kan overgaan. Een besluit daarover is nog niet genomen. Onder meer gaat een medewerker van de gemeente nog op onderzoek uit. De man heeft toegezegd daarmee akkoord te gaan.